Genealogie Christian Post

Gerritje CarelLeeftijd: 46 jaar18021849

Naam
Gerritje Carel
Voornamen
Gerritje
Achternaam
Carel
Ook bekend als
Kaal - Caal
Geboren 14 oktober 1802 30 29
Gedoopt 17 oktober 1802 (Leeftijd 3 dagen)
Tekst:

Kerkelijke gemeente: Heelsum en Doorwerth Toegangsnummer: 0176 Retroacta Burgerlijke stand Inventarisnummer: 1323 Pagina: 43 Volgnummer op pagina: 7

Historisch Feit
Slag bij Waterloo
18 juni 1815 (Leeftijd 12 jaar)
Notitie: De Slag bij Waterloo was een veldslag bij Waterloo, een plaatsje destijds gelegen in de Zuidelijke Nederlanden, tegenwoordig in Belgie. Napoleon Bonaparte werd hier op 18 juni 1815 definitief verslagen door een combinatie van enerzijds Britse en Nederlandse en anderzijds Hannoverse en Pruisische legers, onder leiding van respectievelijk de hertog van Wellington en generaal Gebhard Leberecht von Blucher.
Burgerlijk huwelijkJohannis GerressenBekijk dit gezin
12 februari 1825 (Leeftijd 22 jaar)
Details citaat: Aktenummer: 1
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 5552 Gemeente: Doorwerth Soort Akte: Huwelijk

Afkondigingen: 1 - 30 januarij 1825 Doorwerth - Renkum 2 - 6 februarij 1825 Doorwerth - Renkum

Getuigen: Cornelis Carel | 28 jaar | Papiermakersknegt | onder Doorwerth (broeder van de Bruid) Sebius Evers | 36 jaar | Arbeider | onder Oosterbeek (zwager van de bruid) Hendrik de Graaf | 23 jaar | Boerenknegt | onder Doorwerth Lambartus Bosch | 45 jaar | Veldwagter | onder Oosterbeek

De bruid en de tweede getuige hebben verklaard niet te kunnen schrijven.

De naam van de bruidegom staat geschreven als "Johannis Gerritsen" terwijl hij zelf ondertekend met J. Gerressen.

Beroep
Arbeidster
12 februari 1825 (Leeftijd 22 jaar)

Overlijden van moederElisabeth ‘Betje’ Janssen
24 maart 182618:00 (Leeftijd 23 jaar) Leeftijd: 53
Details citaat: Aktenummer: 2
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 8947 Gemeente: Doorwerth Soort Akte: Overlijden

Aangevers: Jan Kaal | 54 jaar | Papiermakersknegt | Heelsum (eheman van de natemelden overledene) Willem Karman | 59 jaar | Papiermakersknegt | Heelsum (gebuur)

Dochter van wijlen Hendrik Janssen en van mede wijlen Cornelia (Zijnde de toenaam van hare moeder aan de Comparanten onbekend).

Geboorte van een dochter
#1
Elisabeth Gerressen
1828 (Leeftijd 25 jaar)
Geboorte van een dochter
#2
Geertruida Gerressen
13 maart 183022:00 (Leeftijd 27 jaar)
Details citaat: Aktenummer: 16
Tekst:

Gemeente: Renkum Soort Akte: Geboorte Folio: 5

Aangever: Johannes Gerressen | 44 jaar | Papiermaker | Oosterbeek Getuigen: Jan van Delden | 39 jaar | Papiermaker | Oosterbeek Jacobus van Baam | 40 jaar | Landbouwer | Oosterbeek

Geboorte van een dochter
#3
Jantje Gerressen
1832 (Leeftijd 29 jaar)
Geboorte van een zoon
#4
Roelof Gerressen
11 november 183522:00 (Leeftijd 33 jaar)
Details citaat: Aktenummer: 58
Tekst:

Gemeente: Renkum Soort Akte: Geboorte

Aangever: Johannes Gerressen | Veldwachter | 47 jaar | Oosterbeek Getuigen: Martinus Aalbers | 29 jaar | Arbeider | Oosterbeek Jan Hendriks | 34 jaar | Arbeider | Oosterbeek

In de akte staat de naam van zijn moeder geschreven als "Gerretje Kaal".

Geboorte van een zoon
#5
Johannes Gerressen
1838 (Leeftijd 35 jaar)
Overlijden van een zoonJohannes Gerressen
3 juli 1838 (Leeftijd 35 jaar) Leeftijd: 6 maanden
Details citaat: Aktenummer: 33
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 3265 Gemeente: Renkum Soort Akte: Overlijden

Geboorte van een zoon
#6
Johannes Gerressen
1840 (Leeftijd 37 jaar)
Overlijden van een zoonJohannes Gerressen
25 juni 1842 (Leeftijd 39 jaar) Leeftijd: 2
Details citaat: Aktenummer: 30
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 3264 Gemeente: Renkum Soort Akte: Overlijden

Overlijden van een echtgenootJohannis Gerressen
30 mei 184417:00 (Leeftijd 41 jaar) Leeftijd: 57
Details citaat: Aktenummer: 49
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 3264 Gemeente: Renkum Soort Akte: Overlijden

Aangevers: Willem van den Barn | 44 jaar | Arbeider | Oosterbeek Jannes de Winkel | 33 jaar | Arbeider | Oosterbeek

Zijnde de naam zijner moeder van Comparant onbekend.

De naam van zijn vrouw wordt geschreven als "Gerritje Kaal".

Burgerlijk huwelijkChristiaan de JongBekijk dit gezin
1 november 1845 (Leeftijd 43 jaar)
Details citaat: Aktenummer: 24
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 3291 Gemeente: Renkum Soort Akte: Huwelijk

Overlijden van vaderJan Kaal
22 september 184807:00 (Leeftijd 45 jaar) Leeftijd: 76
Details citaat: Aktenummer: 9
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 5545 Gemeente: Doorwerth Soort Akte: Overlijden

Aangevers: Reinder Kaal | 48 jaar | Papiermaker | Doorwerth (zoon van de overledene) Engelbertus Koetsier | 60 jaar | Papiermaker | Doorwerth

Memories van Successie Periode: 1818 - 1855 Registratiekantoor: Wageningen Folio: 134-133 (Let op: folio verwijst naar het handgeschreven nummer op de memorie) Toegangsnummer: 0036 Memories van Successie, Kantoor Wageningen Inventarisnummer: 52

Hij was armlastige door gemeente's hulp niets nagelaten. Noch roerende, noch onroerende goederen heeft nagelaten en dat de genen, welke regt zouden hebben om zich als Zijn erfgenamen te gedragen, mede in armoedige omstandigheden verkeren.

Woonplaats 12 maart 1849 (Leeftijd 46 jaar)
Adres: Armengesticht
Tekst:

Op 1 april 1818 werd de Maatschappij van Weldadigheid opgericht, met als doel armlastige Nederlanders door boerenarbeid te verheffen. In datzelfde jaar werd op het landgoed Westerbeeksloot, gemeente Vledder, de kolonie Frederiksoord gesticht, later gevolgd door Willemsoord en Wilhelminaoord. In deze koloniën werden hoeves gebouwd waar geselecteerde gezinnen uit heel het land geplaatst werden.

De Maatschappij verkreeg daarnaast het vruchtgebruik van de vesting Ommerschans, die in eerste instantie gebruikt werd om zich misdragende kolonisten op te sluiten.

Kort daarna werden de vrije koloniën aangevuld met onvrije koloniën, toen het bestuur van de Maatschappij contracten afsloot met de overheid voor de opvang van weeskinderen, landlopers en bedelaars. In de buurschap Veenhuizen, gemeente Norg, verrezen drie gestichten (Veenhuizen I, II en III), terwijl ook de Ommerschans inmiddels gebruikt werd voor de huisvesting van bedelaars. Veteranen en arbeidershuisgezinnen, uit eigen beweging gekomen, bewoonden de huizen aan de buitenzijde van de gestichten.

Toen de Maatschappij van Weldadigheid in 1859 financieel aan de grond zat, werden de gestichten (Veenhuizen I t/m III en de Ommerschans) overgenomen door het ministerie van Binnenlandse Zaken. Later, in 1875, nam het ministerie van Justitie het beheer over en werden de gestichten officieel Rijkswerkinrichtingen. Het (deels) vrijwillige karakter verdween, evenals de vrouwen, die werden overgeplaatst.

Vanaf de Eerste Wereldoorlog kreeg de status van penitentiaire inrichting langzamerhand de overhand. Veroordeelde smokkelaars en Belgische vluchtelingen waren de eerste vreemde bewoners, maar ook gevangenen met andere vergrijpen dan bedelarij en landloperij op hun kerfstok, werden in Veenhuizen geplaatst.

De Maatschappij van Weldadigheid bleef na 1859 bestaan.

Gedeelde notitie: Drentse armengestichten
Overleden 13 maart 184917:30 (Leeftijd 46 jaar) Leeftijd: 46
Adres: Armengesticht
Doodsoorzaak: Cholera
Details citaat: Aktenummer: 122
Tekst:

Drents Archief Toegangnr: 0167.016 Inventarisnr: 1849 Gemeente: Norg Soort akte: overlijden

Aangevers: Jan Emmelot | 61 jaar | Zaalopziener | armengesticht, Veenhuizen Drik van den Tempel | 61 jaar | Zaalopziener | armengesticht, Veenhuizen

Utrechts Archief Toegangnr: 481 Inventarisnr: 1193 Gemeente: Utrecht Soort Akte: Overlijden Aktenummer: 2759 Aangiftedatum: 01-12-1849

In 1849 heerste er cholera in het bedelaarsgesticht te Veenhuizen; van de 332 zieken overleden er 176.

Gedeelde notitie: Cholera

Gezin met ouders - Bekijk dit gezin
vader
moeder
Huwelijk: 18 november 1792Renkum, Renkum, Gelderland, Nederland
10 jaar
zij zelf
Gezin met Johannis Gerressen - Bekijk dit gezin
echtgenoot
zij zelf
Huwelijk: 12 februari 1825Doorwerth, Renkum, Gelderland, Nederland
4 jaar
dochter
2 jaar
dochter
3 jaar
dochter
Jantje Gerressen
Geboren: 1832 45 29Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
Overleden: 15 november 1916Arnhem, Arnhem, Gelderland, Nederland
4 jaar
zoon
3 jaar
zoon
Johannes Gerressen
Geboren: 1838 51 35Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
Overleden: 3 juli 1838Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
3 jaar
zoon
Johannes Gerressen
Geboren: 1840 53 37Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
Overleden: 25 juni 1842Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
Gezin met Christiaan de Jong - Bekijk dit gezin
echtgenoot
Christiaan de Jong
Geboren: 1804Utrecht, Utrecht, Utrecht, Nederland
Overleden: 8 december 1849Appelscha, Ooststellingwerf, Friesland, Nederland
zij zelf
Huwelijk: 1 november 1845Renkum, Gelderland, Nederland
Johannis Gerressen + Anneke ‘Johanna’ Berenschot - Bekijk dit gezin
echtgenoot
echtgenoot’s echtgenote
Huwelijk:
stiefzoon
3 jaar
stiefdochter
2 jaar
stiefzoon
Rijndert Gerrissen
Geboren: 11 februari 1817 30 26Boxtel, Boxtel, Noord-Brabant, Nederland
Overleden: 11 februari 1817Boxtel, Boxtel, Noord-Brabant, Nederland

GedooptGelders Archief
Tekst:

Kerkelijke gemeente: Heelsum en Doorwerth Toegangsnummer: 0176 Retroacta Burgerlijke stand Inventarisnummer: 1323 Pagina: 43 Volgnummer op pagina: 7

HuwelijkGelders Archief
Details citaat: Aktenummer: 1
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 5552 Gemeente: Doorwerth Soort Akte: Huwelijk

Afkondigingen: 1 - 30 januarij 1825 Doorwerth - Renkum 2 - 6 februarij 1825 Doorwerth - Renkum

Getuigen: Cornelis Carel | 28 jaar | Papiermakersknegt | onder Doorwerth (broeder van de Bruid) Sebius Evers | 36 jaar | Arbeider | onder Oosterbeek (zwager van de bruid) Hendrik de Graaf | 23 jaar | Boerenknegt | onder Doorwerth Lambartus Bosch | 45 jaar | Veldwagter | onder Oosterbeek

De bruid en de tweede getuige hebben verklaard niet te kunnen schrijven.

De naam van de bruidegom staat geschreven als "Johannis Gerritsen" terwijl hij zelf ondertekend met J. Gerressen.

BeroepGelders Archief
HuwelijkGelders Archief
Details citaat: Aktenummer: 24
Tekst:

Toegangnr: 0207 Inventarisnr: 3291 Gemeente: Renkum Soort Akte: Huwelijk

WoonplaatsDrents Archief
Tekst:

Op 1 april 1818 werd de Maatschappij van Weldadigheid opgericht, met als doel armlastige Nederlanders door boerenarbeid te verheffen. In datzelfde jaar werd op het landgoed Westerbeeksloot, gemeente Vledder, de kolonie Frederiksoord gesticht, later gevolgd door Willemsoord en Wilhelminaoord. In deze koloniën werden hoeves gebouwd waar geselecteerde gezinnen uit heel het land geplaatst werden.

De Maatschappij verkreeg daarnaast het vruchtgebruik van de vesting Ommerschans, die in eerste instantie gebruikt werd om zich misdragende kolonisten op te sluiten.

Kort daarna werden de vrije koloniën aangevuld met onvrije koloniën, toen het bestuur van de Maatschappij contracten afsloot met de overheid voor de opvang van weeskinderen, landlopers en bedelaars. In de buurschap Veenhuizen, gemeente Norg, verrezen drie gestichten (Veenhuizen I, II en III), terwijl ook de Ommerschans inmiddels gebruikt werd voor de huisvesting van bedelaars. Veteranen en arbeidershuisgezinnen, uit eigen beweging gekomen, bewoonden de huizen aan de buitenzijde van de gestichten.

Toen de Maatschappij van Weldadigheid in 1859 financieel aan de grond zat, werden de gestichten (Veenhuizen I t/m III en de Ommerschans) overgenomen door het ministerie van Binnenlandse Zaken. Later, in 1875, nam het ministerie van Justitie het beheer over en werden de gestichten officieel Rijkswerkinrichtingen. Het (deels) vrijwillige karakter verdween, evenals de vrouwen, die werden overgeplaatst.

Vanaf de Eerste Wereldoorlog kreeg de status van penitentiaire inrichting langzamerhand de overhand. Veroordeelde smokkelaars en Belgische vluchtelingen waren de eerste vreemde bewoners, maar ook gevangenen met andere vergrijpen dan bedelarij en landloperij op hun kerfstok, werden in Veenhuizen geplaatst.

De Maatschappij van Weldadigheid bleef na 1859 bestaan.

OverledenDrents Archief
Details citaat: Aktenummer: 122
Tekst:

Drents Archief Toegangnr: 0167.016 Inventarisnr: 1849 Gemeente: Norg Soort akte: overlijden

Aangevers: Jan Emmelot | 61 jaar | Zaalopziener | armengesticht, Veenhuizen Drik van den Tempel | 61 jaar | Zaalopziener | armengesticht, Veenhuizen

Utrechts Archief Toegangnr: 481 Inventarisnr: 1193 Gemeente: Utrecht Soort Akte: Overlijden Aktenummer: 2759 Aangiftedatum: 01-12-1849

In 1849 heerste er cholera in het bedelaarsgesticht te Veenhuizen; van de 332 zieken overleden er 176.

Woonplaats

Drentse armengestichten

De Drentse armenkoloniën van de Maatschappij van Weldadigheid bestonden naast de vrije koloniën (Frederiksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord) uit onvrije koloniën voor de opvang van weeskinderen, landlopers en bedelaars. In de buurschap Veenhuizen, gemeente Norg, verrezen drie armengestichten: Veenhuizen I, II en III. Ook de in Overijssel gelegen Ommerschans werd gebruikt voor de huisvesting van bedelaars. Veteranen en arbeidershuisgezinnen, uit eigen beweging gekomen, bewoonden de huizen aan de buitenzijde van de gestichten.

Overleden

Cholera

In Nederland wisten we dat het gevaar eraan zat te komen, maar niet dat het zo erg zou zijn. Al maandenlang hielden de kranten ons op de hoogte van de slachting die de 'Aziatische buikloop' aanrichtte in Europa. In overvolle gasthuizen was het letterlijk dweilen met de kraan open. Vooral de snelheid waarmee cholera de slachtoffers 'leegdronk' verbijsterde en beangstigde de mensen. Het Nederlandse publiek werd in de krant (12 mei 1832) alvast gewaarschuwd, met een uitgebreide beschrijving van de symptomen: slachtoffers droogden volledig uit door overvloedig braken en diarree. Ook konden besmetten een blauw gekleurde huid krijgen. Naast 'de klere' (kolere) kreeg de ziekte dan ook de bijnaam 'de blauwe dood'. In het buitenland heette de ziekte ook wel King Cholera (Engeland) of de onzichtbare guillotine (Frankrijk).

In 1816 was het eerste geval opgetreden in het tegenwoordige Bangladesh, en via India verspreidde de ziekte zich naar Rusland. In 1829 kwam cholera binnen in Hongarije, waar honderdduizend doden vielen. Duitsland was in 1831 aan de beurt, Londen en Parijs in 1832. In Londen vielen bijna zestigduizend slachtoffers, in Parijs twintigduizend.

Angst In Nederland droop de angst voor cholera intussen van de krantenkoppen. Met grotere regelmaat verschenen 'choleraberigten' in de krant, over doden in Franse, of Belgische zorghuizen. Het kwam steeds dichterbij en Nederland besloot om de grens met België af te sluiten. Het was wachten tegen beter weten in.

Uitbraak Kort daarna was het wel raak. De epidemie kwam ons land binnen via Scheveningen. Enkele dagen nadien maakte de regering een reconstructie van de uitbraak:

"Op Maandag, den 25 Junij jl., is eene visscherspink aan wal gekomen, waarvan de stuurman en een der matrozen zich ongesteld bevonden. De eerste derzelven, wiens ongesteldheid van ernstiger aard scheen te zijn, is thans aan de beterhand; de laatstgenoemde is spoedig beter geworden. Onder dezelfde verschijnselen als die bij de zoo evengenoemden opgemerkt werden, zijn de drie volgende dagen nog eenige personen ziek geworden. Op Vrijdag avond den 29 Junij, is weder een persoon ziek geworden, onder onstandigheden, die vermoedens deden ontstaan, welke door deszelfs overlijden, op Zondag, den 1 Julij in den ochtend, meerdere versterking ontvingen." (Nederlandsche Staatscourant, 05-07-1832)

De cholera had zich die eerste dagen verspreid in een traag, maar constant tempo. En maar liefst tien procent van de besmetten was bezweken aan de symptomen:

"Tusschen den 25 Junij, van welke dagteekening de ziekte, uit vergelijking van de vroegere en latere waarnemingen kan gerekend worden haren aanvang genomen te hebben, tot op gisteren avond (den 3 Julij) bedroeg het getal der ziek gewordenen, de reeds herstelden en reconvalescenten daar onder begrepen, zes en veertig, in behandeling waren er negen en twintig; het getal der overledenen was vier." (Ibidem)

Dagelijks maakten de kranten de balans op. Steden zetten zich schrap voor de eerste besmetting. Daar was iedereen zich bewust van het gevaar: hygiëne was daar in de regel van een Middeleeuws niveau. Grachten waren open riolen en waterleiding tegelijk.

Dood De cholera verspreidde zich vanaf 1832 gestaag over ons land. Aan het eind van dat jaar meldde de Staatscourant dat van alle Nederlanders (ruim één miljoen) er bijna veertienduizend waren aangetast door cholera. Bijna de helft was overleden. De cholera-epidemieën van 1832, en daarna van 1848/1849, 1859 en 1867 eisten vooral veel slachtoffers in laaggelegen delen van Zuid-Holland, delen van Noord-Holland en Utrecht.

Het duurde evenwel nog lange tijd voordat stadsbesturen inzagen dat de komst en verspreiding van ziektes als cholera alleen kon worden aangepakt door drastische wijzigingen in de stadshygiëne en het systeem van riolering en watervoorziening. Tegelijkertijd zouden wetenschappers zich nog lang buigen over de microkosmos achter dit bestuurlijke probleem, voordat dit blauwe monster aan zijn eigen moordzucht ten onder zou gaan.